EEN EERSTE ANALYSE

Goedemorgen, nog maar net wakker, maar de behoefte om mijn woede te ventileren is alweer enorm. Vijf jaar geleden betekende dat echter nog letterlijk ventileren. Om vijf of zes uur ‘s morgens op met de ramen en deuren tegen elkaar open, of het nu zomer of winter is. Het begint tijdens corona. Ik zit zonder werk, omdat dat mijn werk niet meer mag doen en zoek ter vervanging van mijn creatieve beroep een nieuwe hobby. Psychologie heeft mij altijd getrokken, maar onderwijs op universitair niveau was en is waarschijnlijk niet mogelijk, daar in de wiskunde zeker niet mijn grootste talent ligt. In 1983 heb ik mijn wiskunde nog geprobeerd bij te spijkeren omdat ik in een vlaag van idealisme weer wilde studeren. Helaas ik kom weer niet verder dan hoofdstuk tien van de moderne wiskunde, net als in brugklas, meer dan een twee decennia eerder.

Psychologie! Jung trekt mij veertig jaar eerder ook al, maar daar blijft het bij. Een paar weken eerder, in 2020, heb ik samen met mijn vriendin, die op dat moment een proef abonnement op Netflix heeft naar een film over Freud gekeken. Het lijkt mij interessant wat meer over deze in mijn opinie niet onomstreden Oostenrijkse psychiater te weten. De film is er echter een uit het horror genre. Ik herinner mij vooral veel donkere, duistere en obscure beelden en een absurde hoeveelheid donkerrood bloed. Dit kan toch niet zo zijn? Dit kan niet kloppen, zo gaat het door mij heen tijdens het kijken naar het vermaledijde scherm. Een paar weken later aan het begin van de glorie dagen van corona, het is in ieder geval heerlijk rustig in mijn straat en in heel stad en eigenlijk geniet ik enorm van de hele situatie, waarschijnlijk mede doordat ik zelf nooit besmet ben geraakt, besluit ik op zoek te gaan naar een boek over Sigmund Freud.

Op boekwinkeltjes.nl vind ik een dikke, lijvige biografie over Sigmund Freud, die een paar dagen later wordt bezorgd. ‘s Morgens vroeg zit ik daar aan mijn tafel met mijn eerste echte kennismaking met de psychologie van Sigmund Freud. Je kunt er veel van vinden, maar hij blijft toch de vader van de moderne hedendaagse psychoanalyse. Het boek is niet alleen heel saai geschreven, maar het leven van Freud, in ieder geval zoals het in dit boek wordt neergezet, is echt tenenkrommend saai en totaal oninteressant. Halverwege het vuistdikke boek ben ik gestrand. Maar goed ik ben een eigenwijze doorzetter en bestel, ook vanuit een interesse in het verklaren van dromen, wat in mijn ogen zijn belangrijkste werk zou kunnen zijn, Die Traumdeutung, maar dan wel in een Nederlandse vertaling, daar ik mij in mijn jonge jaren hevig verzet heb tegen het leren van de Duitse taal op school. Ook in Die Traumdeutung ben ik en dan nog met heel veel moeite niet verder gekomen dan halverwege de behandeling van de droom door Freud, vooral omdat zijn behandeling en theorie mij nogal eenzijdig en behoorlijk beperkt leek. Inmiddels heb ik wel zijn leerling en pupil de Zwitser Carl Gustav Jung ontdekt. Door de verhalen over deze betrokken student van Bleur in een inrichting voor schizofrenen, gaan de haartjes van mijn armen wel omhoog staan en op 20 april 2020, mooier kan het niet, wordt het boek van mijn keuze bezorgd: Psychologische Typen. Ik heb altijd al meer willen weten over psychologie van de mens, maar ook het fenomeen archetypen, waar ik tot dat moment al net zo weinig van wist heeft mij mijn hele leven boeiend geleken.

Daar zit ik dan, ‘s morgens vroeg in de kou met mijn boek met voor mij redelijk onbekende materie, aan het papier en de mensheid toevertrouwd door een mij verder totaal onbekend psychiater van rond een eeuwwisseling vóór de eeuwwisseling, die ik zelf heb meegemaakt. Jung schrijft uiteraard in het Duits, wat in het Nederlands vertaalt voor het ongeoefende brein een heel vreemde syntaxis genereert. Iedere hoofdzin heeft gemiddeld vijf bijzinnen, die veel relevante informatie bevatten. Onwillekeurig denk ik aan de Nederlandse lessen uit mijn jeugd op de middelbare school, met name aan het schrijven opstellen, waar ik altijd enorm tegen opzag, maar wat ik ook iedere keer tijdens het schrijven steeds leuker ga vinden. Het daagt mij dat ik zelf ook zinnen schreef met veel bijzinnen en een heel economisch gebruik van de ruimte wat betreft alle informatie die ik wilde delen. Het is dan vooral een sport om de openingszin zo lang en alles omvattend mogelijk te maken bij wijze van korte inleiding. Het kwam mij altijd op veel kritiek te staan van mijn leraren – ik probeer het bij de andere vakken ook, wanneer ik daartoe kans zie – maar ik volhard en ze kunnen geen fouten ontdekken in de ellenlange ingewikkelde zinsconstructies, zodat ik ermee door kan gaan. In Jung ontmoet ik echter wel mijn superieur op dit gebied en de eerste maanden lukt het mij niet meer dan een alinea per dag tot mij te nemen, mede doordat ik deze twee tot drie keer moet lezen om het te kunnen verteren. De kwaliteit van de grote hoeveelheid kennis die ik zo binnenkrijg is precies waar ik in mijn leven op zoek naar ben geweest en dat ik ooit heb willen weten. Vier jaar lang begin ik mijn dag met het bestuderen van het geschreven werk van Carl Jung, die mijn grote held wordt. Ik ga echt heel veel van deze briljante geest en onvermoeibaar betrokken man houden en lees zo’n beetje alles wat er te koop is op dit gebied voor leken. Er zijn weinig mensen in mijn omgeving die mijn fascinatie delen, maar eigenwijs volhard ik. Carl Jung heeft mijn leven op zijn kop gezet, maar op een goed manier. Het heeft mij veel kennis omtrent mijzelf en anderen bijgebracht en een mij op een spiritueel pad gezet richting het Oosten gekoppeld aan de meest prachtige vergezichten, alsof ik zittend op een hoge bergtop in de Himalaya uitkijk over de onmetelijke uitgestrekte groene bergtoppen onder een helder blauwe, doch door waterdamp verzadigde hemel. De toegenomen woede die het mij oplevert door het reilen zeilen van de westerse wereld deed mij gisteren besluiten een blog te beginnen waarin ik, hopelijk, in ieder geval voor mijzelf en mijn levensgezellin, de lucht een beetje kan klaren.